Foliumzuur (B11), folaat en 5-MTHF: wat zijn de verschillen?

De termen foliumzuur en folaat gebruikt de gemiddelde supplementenslikker door elkaar. Ondanks hun verwantschap zijn er echter grote verschillen. Folaat heeft bijvoorbeeld een aanzienlijk grotere biologische beschikbaarheid dan foliumzuur. Maar ook binnen de folaatfamilie kennen we een overtreffende trap: 5-MTHF, de actieve vorm van folaat. We zetten de verschillen tussen foliumzuur, folaat en de varianten van 5-MTHF uiteen.  

Wat doet foliumzuur? 

Foliumzuur is een essentieel onderdeel voor de normale synthese van DNA en RNA8. Nieuw DNA is nodig voor de vorming van nieuwe cellen. Daarnaast kan een foliumzuur tekort bloedarmoede veroorzaken. De vitamine is namelijk nodig voor de vorming van rode bloedcellen. Samen met B6 en B12 verlaagt foliumzuur het homocysteïnegehalte; een risicofactor voor allerlei hart- en vaatziekten2.  

Met name tijdens de zwangerschap speelt foliumzuur een wezenlijke rol; de behoefte aan de vitamine is dan aanzienlijk groter9. Zo vermindert foliumzuur de kans op bloedarmoede tijdens de zwangerschap. In de draagtijd beschermt foliumzuur namelijk de vroege ontwikkeling van het kind. Extra foliumzuur helpt dan om de kans op aangeboren afwijkingen te verkleinen4.  

Daarbij is folaat cruciaal voor het zenuwstelsel, concentratie, het geheugen, de leerprestatie en het immuunsysteem7,8,9

Een volledig overzicht van aandoeningen waarbij de foliumzuur behoefte groter is, vind je hier terug.  

Vitamine B11: synthetisch en natuurlijk 

Zowel foliumzuur als folaat kennen we onder de overkoepelende noemer vitamine B11 (B9 in de VS en België). Foliumzuur is de synthetische verbinding die in veel supplementen wordt gebruikt. Ook veel verrijkte voedingsmiddelen bevatten regulier foliumzuur. Folaat is echter de natuurlijke vorm die verwijst naar verschillende tetrahydrofolaat afgeleiden. Deze vormt komt van nature in voedsel voor en heeft een aanzienlijk hogere biologische beschikbaarheid dan foliumzuur.    

Van foliumzuur naar tetrahydrofolaat (THF) naar folaat (5-MTHF) 

Zowel foliumzuur als folaat zijn nog niet biologisch actief en moet het lichaam dus nog omzetten naar de actieve folaat vorm 5-MTHF (5-methyltatrahydrofolaat) via een meerstappenproces5.  

Nadat foliumzuur wordt geabsorbeerd, reduceert ons lichaam het eerst tot dihydrofolaat (DHF) en daarna tot tetrahydrofolaat (THF). Hierna begint een methylatiecyclus, waarbij ons lichaam met behulp van B6 en B12 tetrahydrofolaat omzet in L-methylfolaat (actief folaat, 5-MTHF). 5-MTHF is de actieve vorm van foliumzuur en hoeft dus niet meer te worden geactiveerd.  

Door direct te suppleren met 5-MTHF omzeil je een omzettingsproces waarbij een groot deel van het geabsorbeerde foliumzuur verloren gaat. Ook voor het folaat dat we uit voeding halen sla je dus een stap over door direct 5-MTHF te suppleren. (zie grafiek hieronder)

 

Beperkte omzetting van foliumzuur naar 5-MTHF door gendefect

Bovendien speelt het zogenoemde MTHFR-gen (methylentetrahydrofolaatreductase) een sleutelrol in de omzetting van inactief foliumzuur of folaat tot 5-MTHF. Het MTHFR-gen komt voor in verschillende weefsels, zoals de hersenen, spieren, lever en maag1. Door het zogenoemde C677T-enzym defect, vermindert de activiteit van het MTHFR-gen met wel 30 tot 45 procent. Bij personen met dit genetisch defect is de enzymconversie beperkt en kan het lichaam beperkt tot geen foliumzuur omzetten naar de actieve vorm6. Het gevolg is een verlaagde aanwezigheid van 5-MTHF in het lichaam1.  Het MTHFR-gen speelt een sleutelrol voor het metabolisme van homocysteïne. In samenwerking met B12 en B6 maken folaat co-enzymen de omzetting van het aminozuur homocysteïne in methionine mogelijk. Het ontbreken van deze omzetting brengen we in verband met verhoogde kans op verschillende ziektes.   

Folaat 5-MTHF gebonden aan calcium- of glucosaminezout 

De zoektocht naar het best opneembare foliumzuur eindigt nog niet bij 5-MTHF. 5-MTHF kent op diens beurt namelijk ook weer twee verwanten: 5-MTHF gebonden aan calciumzout (3e generatie) en 5-MTHF gebonden aan glucosaminezout (4e generatie). Beide vormen hebben een superieure biologische beschikbaarheid ten opzichte van synthetisch foliumzuur en inactief folaat3.  

5-MTHF gebonden aan glucosaminezout 

Hoewel beide vormen reeds actief zijn voor het lichaam, kunnen we aan 5-MTHF gebonden aan glucosaminezout nóg een voordeel toekennen. Onderzoek wijst uit dat de vierde generatie foliumzuur stabieler is in maag- en darmkanaal, wat resulteert in een betere opname van het folaat (5-MTHF).  

Wanneer we de verbinding vergelijken met 5-MTHF gebonden aan calciumzout zien we dat de glucosaminezout binding een tot wel 100 keer betere opneembaarheid in water heeft. Dit is van belang, omdat ons lichaam voor ruim 65 procent uit water bestaat. Een hoge wateroplosbaarheid staat garant voor een betere opname van folaat in de mucosale cellen. Hierdoor verbetert de toegang tot het bloed en de bloedsomloop met een verbeterde biologische beschikbaarheid tot gevolg. 

In het kort 

In de zoektocht naar het beste foliumzuur komen we dus al snel uit bij 5-MTHF. Bij een sterk verhoogde behoefte, zoals bijvoorbeeld tijdens de zwangerschap, raden we aan te kiezen voor de vorm met de hoogste stabiliteit; 5-MTHF gebonden aan glucosaminezout. Deze vorm vind je bijvoorbeeld vaak in een multivitamine voor tijdens de zwangerschap of een hoogwaardige vrouwenmulti.  

Voor wanneer er geen sprake is van een sterk verhoogde behoefte is 5-MTHF gebonden aan calciumzout een uitstekende keuze. Mannen hebben in de regel een minder hoge behoefte dan vrouwen. Vanwege de lagere grondstofprijs zien we deze vorm dan ook vaak terug in hoogwaardige multivitamines voor de man.