Hart en Vaten

Ondanks de miljarden die aan statines en aan voorlichting over gezondheid en vetarm eten worden uitgegeven zijn hartziekten nog steeds doodsoorzaak nummer één in het Westen. De geneeskunde heeft zich zo vastgebeten in de theorie dat een hoog cholesterol de voornaamste oorzaak is van hartziekte dat zij blind is voor mogelijke andere oorzaken.

Inmiddels groeit bijvoorbeeld het bewijs voor de grote rol die ontstekingsprocessen spelen bij het ontstaan van hart- en vaataandoeningen. Daarnaast moet men alert zijn op milieufactoren en blijven zoeken naar andere oplossingen voor dit probleem. In Nederland gaat de preventie voor hart en vaatziekten niet verder dan het waarschuwen voor de gevaren van roken en cholesterol. De medicijnen die het cholesterol moeten verlagen, hebben tot dusver vele slachtoffers gemaakt mede door het gelijktijdig toedienen van verschillende andere medicijnen. Wachten tot het probleem (bijv. cholesterol) aantoonbaar is (laboratorium) en vervolgens met medicijnen onderdrukken is niet zo’n geweldige vorm van preventie.

Hart- en vaatziekten

Hart- en vaatziekten ontstaan als de bloeddoorstroming in bepaalde slagaders, zoals de kransslagaderen rond het hart of de slagaders naar de hersenen, onvoldoende wordt. Meestal is dit een gevolg van vaatvernauwing.  Er kunnen verschillende ziektebeelden ontstaan, zoals hartinfarct, angina pectoris, hartfalen, hartritmestoornissen, een beroerte en een hersenbloeding.

Hartinfarct: Een hartinfarct of hartaanval ontstaat wanneer een bloedstolsel een kransslagader plotseling afsluit. Door die afsluiting krijgt het bijbehorende gedeelte van de hartspier geen zuurstof meer en sterft het af. Dit gaat gepaard met een plotselinge, hevige en lang aanhoudende pijn in de borststreek, vaak uitstralend naar de hals, armen, kaken of mond.

Angina pectoris: De hartspier krijgt tijdelijk minder bloed (dus zuurstof) dan nodig is doordat een of meer slagaderen die het hart voorzien vernauwd zijn. Er is sprake van pijn of een drukkend gevoel op de borst die meestal optreedt bij inspanning en weer afneemt in rust.

Hartfalen betekent dat het hart niet voldoende bloed naar de longen en de rest van het lichaam kan pompen. Dit veroorzaakt vermoeidheid, gezwollen enkels en benen en kortademigheid.

Hartritmestoornissen: is iedere situatie waarin het hart niet regelmatig slaat. Het kan uiteenlopen van volkomen onschuldig overslaan van de hartslag, de extrasystole tot het gevaarlijke ventrikelfibrilleren wat kan lijden tot overlijden. De symptomen van een hartritmestoornis zijn vermoeidheid, duizeligheid, hartkloppingen, een licht gevoel in het hoofd, pijn in de borst en flauwvallen.

Beroerte: Men spreekt van een beroerte als de bloedvoorziening naar de hersenen plotseling onderbroken wordt. Het wordt ook wel C.V.A. genoemd: Cerebro Vasculair Accident ofwel ongeval in de bloedvaten van de hersenen.

Hersenbloeding: Bij een hersenbloeding knapt er een bloedvat en stroomt er bloed in de hersenen. Oorzaak is meestal de slechte staat van een de bloedvaten door hoge bloeddruk, een ongeval of aanleg. Vaak met dezelfde verschijnselen als een beroerte.

Atherosclerose en arteriosclerose zijn termen die ten onrechte door elkaar gehaald worden. De meest frequente vorm van arteriosclerose is atherosclerose. Atherosclerose is een verharding die specifiek wordt veroorzaakt door een atheroomplaat. Arteriosclerose komt meestal eerst voor in been en voet. Arteriosclerose of slagaderverharding is een degeneratie van het weefsel van de wand van slagaders waardoor deze verharden en hun elasticiteit verliezen. Hierdoor kunnen ze zich moeilijker aanpassen wanneer er tijd- ens een inspanning een grotere hoe- veelheid stromend bloed wordt ge- vraagd. Het is een gecompliceerd en langzaam voortschrijdende ziekte waarbij vetachtige stoffen in de wand van de slagaders worden afgezet. De beschadigingen worden voornamelijk veroorzaakt door een te hoog homo- cysteïnegehalte in het bloed en door de oxidatie schade van vrije radicalen. Stoffen die vrij komen uit sigarettenrook blijkt een enorme veroorzaker te zijn. Het nemen van extra anti-oxidanten zoals vitamine C en E zijn goed voor het neutraliseren van vrije radicalen.

Dit informatiebulletin is voornamelijk bedoeld om inzicht te geven naar de werkelijke oorzaken en over de oplossingen bij de preventie ervan.

Oorzaken

De belangrijkste factoren die een rol spelen zijn bij het krijgen van hart- en vaatziekten zijn roken, overgewicht met name buikvet, insulineresistentie, ontstekingen, een hoge bloeddruk, gebrek aan lichaamsbeweging en consumptie van verkeerde vetten. Omega 3 vetzuren, zoals visolie, zijn juist goed voor hart- en bloedvaten. Cholesterol speelt maar een bescheiden rol. Cholesterol is voor de mens een onmisbare stof.

Buikvet en insulineresistentie

Doordat men de mensen maar blijft voorhouden dat vetten ongezond zijn, is iedereen meer koolhydraten gaat eten. En omdat men bij de koolhydraten een onderscheid ging maken tussen de ‘ongezonde’ geraffineerde koolhydraten en de ‘gezonde’ ongeraffineerde koolhydraten is de consumptie van ongeraffineerde (volle) granen en graanproducten spectaculair gestegen. Dat heeft echter net als het verhogen van de onverzadigde omega-6 vetzuren desastreuze gevolgen voor de gezondheid. Een hoge graanconsumptie - ook de ongeraffineerde - is veel meer dan vetten een onderliggende oorzaak van diabetes, metabool syndroom, hart- en vaatziekten en overgewicht. Er ontstaat overtollig buikvet dat gepaard met insulineresistentie en een risicofactor vormt voor hart en slagaders, nieren, hersenen en ogen. Het blijkt dat opgeslagen vet als een `klier´ werkt en hormonen uitscheidt en de actieve stoffen zoals TNF-alfa, leptine en adiponectine. Stoffen die ontsteking stimuleren of afremmen. Onderzoek heeft aangetoond dat veel vet op de buik verband houdt met verhoogde risico's van hart- en vaatziekten en suikerziekte. Daarnaast is bekend dat mensen met een mediterraan voedingspatroon minder kans lopen deze aandoeningen te ontwikkelen. Overgewicht wordt voor een groot deel veroorzaakt door een overconsumptie aan zetmeelrijke voeding. Vezels afkomstig van “gemicroniseerde” tarwevezels vormen echter wel een goede voedingsbron voor de darmflora die korte keten vetzuren produceren.

Ontstekingen

Diabetes type II, obesitas en hart- en vaatziekten houden een verband met elkaar door laaggradige systemische ontstekingen. Een van de meest voorkomende factoren bij laaggradige ontstekingen is de aanwezigheid van een verhoogde darmpermeabiliteit. Aangetoond is dat plasmaconcentraties van IL-6 en TNF-α het risico op een hartinfarct voorspellen. Bij een overproductie van TNF-alfa ontstaat er schade en worden de bloedvaten aangetast, research geeft aan dat deze factor een hoofdrol speelt in het ontstaan van hart- en vaatziekten. Bij ontsteking is het C-reactief proteïne (CRP) gehalte in het bloed verhoogd en is een hogere risicofactor voor hart- en vaatziekten dan het LDL cholesterol. Systemische enzymtherapie kan uitkomst bieden zoals bromelaïne en papaïne in combinatie met verteringsenzymen en L-Glutamine om de darmwand te helen.

Vetten

Verzadigde vetten worden helaas nog gezien als boosdoener voor hart- en vaatziekten, terwijl de rol van suikers, linolzuur en transvetzuren de grootste rol speelt bij het ontstaan van overgewicht en hart- en vaatziekten. Men heeft al lang geleden ontdekt dat niet de verzadigde vetten op zich, maar de verhouding tussen verzadigde vetten, omega-6 en omega-3 vetzuren belangrijk is voor het al dan niet ontstaan van ziekten. Bovendien zijn het vooral geoxideerde vetten en transvetten die vermeden moeten worden. Onverzadigde vetten die verwerkt of verhit worden, veranderen namelijk in geoxideerde en gevaarlijke transvetten. De vervanging van boter door margarine is daarom één van de grootste blunders in de ‘preventie’ van hart- en vaatziekten. De omega-6 onverzadigde vetzuren hebben we weliswaar nodig maar komt te veel voor ten opzichte van de omega 3 vetzuren, de omega 9 en 7 waardoor vetzuurbalans verstoord raakt. Hierdoor ontstaan ontstekingen, artherosclerose en bloedklontering. Verzadigde vetten zijn op zich niet ongezond en zelfs noodzakelijk. Ze zijn nodig voor een goed immuunsysteem, een gezond zenuwstelsel, de aanmaak van cholesterol, hormonen, vitamine D en galzouten, voor de opname van de vetoplosbare vitaminen A, D, E en K, bepaald geen boosdoener dus. Door de verstedelijking steeg het aantal mensen dat geen rechtstreekse bevoorrading meer had van op het platteland enorm. De vraag naar goedkope en lang houdbare vetten veranderde volledig de vetzuurbalans: omega-3 vetzuren zijn moeilijk houdbaar. Bovendien veranderde ook het voedingspatroon: boter en lijnzaadolie werden massaal vervangen door geraffineerde oliën en margarine, waardoor ook de hoeveelheid transvetzuren stegen. Bovendien veranderde ook nog de vetzuursamenstelling in het vlees, waarvan de consumptie van verzadigde vetten de laatste vijftig jaar dramatisch steeg. Vroeger was vlees nog een goede bron van omega-3 vetzuren doordat de dieren de vrije loop en een natuurlijke voeding hadden. Thans bevat het huidige vlees voornamelijk verzadigde vetten en linolzuur (een omega-6 vetzuur). Ook eieren waren vroeger een rijke bron van omega-3-vetzuren; maar gezien de kippen thans zelf geen gezond voedsel meer krijgen, zijn deze allang niet meer terug te vinden in de eieren. Door de massale opname van verzadigde vetten, transvetzuren en linolzuur (omega-6-vetzuren), ten koste van de onverzadigde omega-3-vetzuren, ontstond er een dramatische verandering in de menselijke fysiologie. De samenstelling van de membranen zijn hierdoor verandert waardoor de fluïditeit ervan, maar ook de cellulaire communicatie en de uitwisselingscapaciteiten van de cel mede verandert. Hierdoor worden tenslotte alle lichaamsfuncties beïnvloed, of in de war gestuurd. Omega-3-suppletie kan, naast een verandering van eetgewoonten en levensstijl, een grote bijdrage leveren om deze situatie een halt toe te roepen en deze om te buigen. Daarnaast is het essentieel de inname van omega-6-vetzuren, en vooral van bewerkte, gehydrogeneerde en transvetzuren zoveel mogelijk te beperken. Omega-3-vetzuren verlagen o.a. de contractiliteit van de hartspiercellen, d.w.z. dus de prikkelbaarheid van het hart, waardoor er minder kans is op extrasystolen, boezemfibrillatie en kamerfibrillatie, dus minder risico op “plots overlijden”. Hieruit blijkt duidelijk dat de vetzuurstatus van het lichaam essentieel is om hart- en vaatziekten te voorkomen, en dat de huidige epidemie voornamelijk het gevolg is van een slechte voeding, vooral dus van een overvoeding op het gebied van slechte vetten ten koste van de essentiële omega-3 vetzuren. Omdat cholesterol gewoonlijk samen voorkomt met de verzadigde vetten in vlees, en bovendien in de lever aangemaakt wordt uit de overvloed aan suiker die wij consumeren, is het logisch dat tegelijk het cholesterolgehalte verhoogt.

Cholesterol

Cholesterol wordt vaak ten onrechte gezien in een negatief daglicht. Cholesterol is een belangrijke stof met belangrijke taken in ons lichaam. Cholesterol is een antioxidant en is onder andere de bouwstof die het lichaam nodig heeft voor het aanmaken van celmembranen, aldosteron, cortison, estradiol, galzouten (voor het verteren van vetten), progesteron en testosteron. Cholesterol is ook de grondstof voor het aanmaken van vitamine D uit zonlicht. Cholesterol is niet oplosbaar in water en daarom wordt cholesterol in het bloed vervoerd door middel van bolletjes met een hydrofobe binnenkant bestaande uit o.a. triglyceriden en omgeven door een hydrofiele buitenkant bestaande uit o.a. fosfolipiden en apoproteïnen. Men deelt deze lipoproteïnen in naar fracties met een verschil in dichtheid. VLDL (Very Low Density Lipoprotein, LDL (Low Density Lipoproteïne) en HDL (High Density Lipoproteïne) . In de lever wordt cholesterol gevormd. Dit wordt samen met triglyceriden verpakt in een VLDL-deeltje, waarna het aan het bloed wordt afgegeven. In het bloed worden de VLDL-deeltjes kleiner door de activiteit van het lipoproteïnelipase, dat triglyceriden vrijmaakt uit deze deeltjes. Deze triglyceriden kunnen opgenomen worden door de weefsels. Uiteindelijk ontstaat uit deze deeltjes LDL, wat dan voornamelijk cholesterol bevat. 70-80% van het LDL wordt opgenomen in de lever, bijnieren en de gonaden (testes en ovaria). Het LDL dat in de bloedbaan blijft, wordt uiteindelijk opgenomen door cellen, die kunnen zorgen voor vervetting van de vaatwand door zich in de vaatwand te nestelen (artherosclerose). LDL-cholesterol wordt ook wel 'slecht' cholesterol genoemd, omdat een hoge concentratie LDL een marker is voor het risico op een hartinfarct en gescheurde bloedvaten kan veroorzaken. HDL zorgt voor transport van "overtollig" cholesterol vanuit cellen terug naar de lever (reversed cholesterol transport). HDL wordt gevormd in de lever, waarna het in de bloedcirculatie terecht komt en vanuit de cellen cholesterol opneemt. Daarvoor gaat het een verbinding aan met ATP binding cassette transporter-A1 (ABCA1). Cholesterol wordt in de lever uit het HDL verwijderd via de Scavenger Receptor-B1 (SR-BI). In de lever kan cholesterol met de gal uit het lichaam verwijderd worden. HDL wordt ook wel 'goed' cholesterol genoemd, omdat een verhoogde concentratie HDL geassocieerd is met een verlaging van de incidentie van hart- en vaatziekten. De rol van HDL is complexer, het speelt ook een rol bij ontstekingen, infecties, bloedstolling en nog meer processen. Cholesterol wordt vaak gezien als de oorzaak van vaatschade, in feite poogt het cholesterol (type LDL) de schade aan de bloedvaten te herstellen, waardoor er vetdepots ontstaan Cholesterolverlagende statines vormen een van de meest gebruikte groepen geneesmiddelen ter wereld. Tevens behoren ze waarschijnlijk tot de meest ineffectieve medicijnen en hebben wel gevolgen voor de gezondheid. Ze worden in verband gebracht met de ziekte van Parkinson en paradoxaal genoeg met hartaandoeningen. Ze hebben een uitwerking op de energieproductie en hebben veel bijwerkingen. Deze bijwerkingen worden enigszins tegengegaan door een supplement met Q10 en extra magnesiumtauraat te nemen.

Homocysteïne

Homocysteïne wordt in het lichaam gemaakt uit methionine en wordt weer afgebroken via twee mogelijke routes: remethylatie naar methionine of transsulfatie naar cysteïne. Methionine is een belangrijke bouwsteen voor diverse lichaamseiwitten. Cysteïne is een stof die de lever helpt bij de ontgifting. Een defect in één van deze routes leidt tot accumulatie van homocysteïne in het organisme. Voor remethylatie zijn foliumzuur en vitamine B12 nodig, voor transsulfatie is vitamine B6 nodig. Een chronisch teveel aan homocysteïne is een belangrijke risicofactor voor hart- en vaatziekten. Met de vitamines B12, foliumzuur en B6 is vrij gemakkelijk het homocysteïnegehalte op peil te houden en daarmee de methylering op gang te houden. Om die reden heeft deze vitaminegroep veel gezondheidsbevorderende eigenschappen.

Hoge bloeddruk

De bloeddruk is de druk die gemeten wordt in het slagadersysteem. De bloeddruk wordt weergegeven door middel van twee kengetallen, de systolische druk of bovendruk en de diastolische druk of onderdruk.  De bovendruk is de maximale druk die wordt opgebouwd in de aorta bij het samentrekken van de linker hartkamer. De onderdruk is het minimum van de druk die optreedt tussen twee samentrekkingen van het hart in, als de linker hartkamer zich weer met bloed vult. Bovendruk en onderdruk wordt aangegeven door middel van een schuine streep: 120/80 mm Hg. Hoge bloeddruk of hypertensie is vooral in westerse landen een algemeen voorkomende aandoening. Door ons natuurlijke regelsysteem van het dag- en nachtritme (circadiaans ritme) daalt de bloeddruk in de nacht met 10 tot 20%.

Te weinig beweging

Een intensieve bezigheid zoals joggen, aerobics of tennis levert geen betere resultaten op dan een wandeling van een zelfde duur. Er is wel één voorwaarde aan verbonden: bewegen moet iedere dag gebeuren! Als richtlijn houden we ons best aan het uitoefenen van een matige activiteit van 30 minuten gedurende iedere dag van de week. Wandelen kan ook vervangen worden door een andere leuke recreatie, denken we maar aan rustig fietsen, rustig zwemmen, volksdansen of bowlen. Hoe steviger de wandeling, des te groter is de risicoverlaging.

Voedingsadviezen

Bij hoge bloeddruk, verhoogd LDL cholesterol en hart- en vaatziekten in combinatie met een te grote buikomvang, is het van belang om af te vallen. Men laat alle suiker- en zetmeelrijke voeding weg, met name brood, koekjes, rijst en pasta. Tarwe bevat niet alleen veel zetmeel, het stimuleert bovendien de productie van TNF-alfa, een extra reden om granen te elimineren. Men voegt zo veel mogelijk vezelrijke voeding zoals groenten en “gemicroniseerde” tarwezemelen toe. Men kan voor het ontbijt biogarde yoghurt gebruiken met bessen die allen krachtige anti-oxidanten bevatten. De brood lunch is te vervangen door vette vis, koolsoorten zoals broccoli en spuitjes en salades van bladgroen dat rijk is aan foliumzuur. Ook zeewier en paprika bevatten gunstige stoffen voor het hart. Curcuma, is een van de krachtigste ontstekingsremmers die de natuur kent. Naast het dieet is veel bewegen van groot belang. Een 2 maanden durend mediterraan dieet heeft al een positief effect op de endotheelfunctie van de bloedvaten en op de bloeddruk. Dit komt door de verhoogde inname van de juiste vetten. Ook de innames van voedingsvezels en vitamine C zijn hoger door het mediterrane dieet.

Orthomoleculaire geneeskunde

Verscheidene voedingsstoffen, zoals bepaalde vitaminen, mineralen, aminozuren en kruiden, spelen een positieve rol bij het voorkomen van hart- en vaatziekten. Wij zullen in dit bulletin een aantal orthomoleculaire voedingsstoffen nader toelichten.

Taurine

Taurine is een zwavelhoudend aminozuur dat in hoge concentraties voorkomt in de hartspier. Het wordt in het lichaam gemaakt uit cysteïne, mits vitamine B6 aanwezig is. Het kent een grote verscheidenheid aan functies. Het is een krachtige anti-oxidant en is goed voor de normale werking van de hersenen, het hart, de galblaas, de ogen en de bloedvaten. Taurine is onder andere nodig bij de aanmaak van het darmslijmvlies en membraanstabilisatie (denk aan hartritmestoornissen). Optimale contracties van de hartspier zijn onder meer afhankelijk van het transport van calcium en andere elektrolyten. Taurine reguleert mede deze spiercontractie. Vele onderzoeken leggen het verband tussen tekorten aan taurine en hart- en vaataandoeningen.

Magnesium

Het hart bevat één van de hoogste concentraties magnesium in het lichaam, evenals de hersenen, lever en nieren. Magnesium is onmisbaar voor het functioneren van het totale hart- en vaatstelsel. De werkingsmechanismen waarbij magnesium betrokken is zijn onder meer: het verbeteren van de productie van energie in het hart, het verhinderen van platelet aggregatie, het verbeteren van de hartslag en het hartritme en het ontspannen en verwijden van de vaatwanden, waardoor er meer zuurstof naar het hart getransporteerd kan worden. Bovendien wordt het bij een tekort aan magnesium in de hartspier onmogelijk om kalium op te nemen. Deze stof is onmisbaar voor een goed hartritme.

Vitamine D

Vitamine D is hard nodig. Een gebrek aan vitamine D hangt nauw samen met vele aspecten van hartziekten: bloeddruk, afzetting van calcium in de bloedvaten, infarcten en beroerten. Bloeddruk en ontstekingen zijn de twee belangrijkste wegen langs welke vitamine D zou beschermen tegen hart- en vaataandoeningen. Een andere verklaring plaatst vitamine D in een hormonale kader, meer bepaald het renine-angiotensine-aldosteronsysteem (RAAS). Deze vormt de rode draad in de werking van het hart, de vaatfuncties en de controle van de glucose in het bloed.

Co-enzym Q 10

Cholesterol verlagende medicijnen blokkeren de aanmaak van mevalonaat, een voorloper van cholesterol. Mevalonaat is alleen ook de voorloper van het co-enzym Q10. Een deze stof is nu weer belangrijk voor de aanmaak van energie in de hartspiercellen. Het slikken van statines is dus geen ongevaarlijke zaak, aangezien er een energietekort in het hart kan ontstaan, wat weer tot chronisch hartfalen kan leiden. Q10 is één van de belangrijkste stoffen die genomen zou moeten worden wanneer men ook cholesterolverlagende medicijnen slikt.

B12 en foliumzuur

Vitamine B6, B12 en foliumzuur zijn belangrijk om het hart gezond te houden. Degenen die deze vitaminen regelmatig innemen hebben tweederde minder kans op hartziekte, zo bleek uit onderzoek. Het verlaagt namelijk het voor het hart de vaten gevaarlijke te hoog homocysteïne gehalte.

Chroom

Suppletie daarvan helpt om bloedsuikerspiegels te stabiliseren bij patiënten met hyperinsulinemie en type 2 diabetes (wat dikwijls tot hartziekten leidt).

Vitamine K2

Uit een zeer recente studies blijkt dat vitamine K2 aderverkalking kan tegengaan en mogelijk zelfs kan omkeren Klinisch onderzoek heeft aangetoond dat vitamine K2 mogelijk in staat is arteriosclerose te remmen en in sommige gevallen zelfs dit al bestaande, ziekmakende proces om te draaien. Vitamine K2 activeert de proteïne MGP (Matrix Gla-Proteïne) die een belangrijke rol speelt in het voorkomen van kalkafzetting op de wanden van de vaten.

Bromelaïne

Een enzym uit ananas met ontstekingsremmende eigenschappen dat al eens onderwerp was van onderzoek naar de effectiviteit bij hartaandoeningen. Daaruit bleek dat het een vergelijkbaar effect heeft als aspirine, maar zonder het verhoogde risico van bloedingen. Het vermindert het aantal trombocyten (bloedplaatjes) en de trombocytenaggregatie, de ‘kleverigheid’ en de samenklontering van de bloedplaatjes en kan pijn op de borst verminderen.

L-carnitine

De eerste onderzoeken naar de positieve werking van L-carnitine op hart- en bloedvaten stammen al uit 1937. L-carnitine beïnvloedt hart- en bloedvaten op een aantal manieren. Deze stof is verantwoordelijk voor het verwijderen van vetzuren(triglyceriden) uit het bloed en het transport ervan tot in de mitochondria (‘energiefabriekjes’ van de cellen). Vetzuren zijn de belangrijkste energiebronnen in de hartspier, waardoor het hart zeer gevoelig is voortekorten aan L-carnitine.

OPC (druivenpitextract)

OPC is één van de krachtigste anti-oxidanten en van groot belang bij het beschermen en versterken van haarvaten. OPC heeft uitgesproken effecten op het hart- en vaatstelsel, waaronder het verwijden van coronaire en perifere bloedvaten, het verlagen van de bloeddruk en het verlagen van bloedvetten.

Advies nodig?

Heb je vragen over welke nutriënten je het beste kunt inzetten bij de behandeling van een aandoening of lichamelijke klacht? Bel ons dan gerust via: 0252 517 643 of vraag advies aan onze orthomoleculaire therapeuten via onderstaande button.