De heilzame kracht van d-mannose

Blaasontstekingen komen veel voor. Continu de aandrang voelen om naar de wc te gaan, een brandend gevoel bij het plassen of een geïrriteerde blaas. Met name voor veel vrouwen schetst dit een bekend beeld. Het is voor het merendeel van de mensen dan wel geen dagelijkse kost, maar blaas- en urinewegproblemen kunnen ronduit vervelend zijn. Vaak is dit dan ook een reden om op zoek te gaan naar alternatieven die een remedie kunnen vormen.

Een veel gebruikt en bekend nutriënt is de cranberry (veenbes), maar recentelijk wint ook d-mannose aan populariteit. We zetten het in als aanvulling, of ter vervanging van, het eten van cranberry’s. Het kan soms lastig zijn om het juiste supplement te kiezen. Zo zijn wensen en behoeften per individu verschillend. Hoog tijd dus om het een en ander toe te lichten over de werking en het onderscheidend vermogen van d-mannose.

Zo is d-mannose onder andere:

  • belangrijk voor een goede celcommunicatie;
  • bevorderlijk bij urinewegproblemen;
  • vele malen geconcentreerder dan cranberry
  • en doodt het geen goede bacteriën.

D-mannose in een notendop

D-mannose is een essentieel eenvoudig suiker die voor suppletie vaak verkregen wordt uit natuurlijke materialen als beuken- en berkenhout. Van nature komt het voor in verschillende soorten planten en fruit. Zo bevindt het zich in onder andere ananas, appel, sinaasappel en bes. Daarnaast wordt het zelfs in geringe hoeveelheden in het menselijk lichaam aangetroffen. Hier fungeert het als onderdeel in een keten van acht essentiële suikers. Essentieel kan hier letterlijk worden opgevat: het lichaam kan de suikers slechts beperkt zelf aanmaken, maar ze zijn van fundamenteel belang voor een goede celcommunicatie. Zo speelt het nutriënt onder andere een rol in de koppeling van suikers aan eiwitten en de fibroblast activiteit van ons lichaam.

Toepassing van d-mannose

D-Mannose kent twee wetenschappelijk onderbouwde toepassingen. Allereerst zetten we het in bij de behandeling van een tekort aan het PMI-enzym (fosfomannose-isomerase), waarbij een groot deel van de eiwitopname in de darmen verloren gaat. Bovendien presenteren deze mensen zich vaker met leverziekte, hypoglykemie en bloedstollingsstoornissen. Een tekort aan het PMI enzym elimineert de vorming van mannose 6-fosfaat uit fructose 6-fosaat. Dit leidt tot problemen met de opbouw van weefsels, spieren, botten en organen. Uit verschillende onderzoeken komt naar voren dat suppletie met d-mannose dit tekort kan aanvullen (Westphal et al. 2001, Neeser et al. 1986). Daarnaast heeft het een essentiële rol in de behandeling van blaasontsteking specifiek veroorzaakt door de E-coli bacterie (Ofek et al. 1981, Ofek et al. 1982).

D-mannose bij blaasontsteking

Blaasontstekingen zijn een van de meest voorkomende kwalen onder mensen, en dan met name onder vrouwen (Flores-Mireles et al. 2015). De meest voorkomende oorzaak hiervan is te herleiden tot de E-coli bacterie (Escherichia coli). Bij de meeste mensen bevinden deze bacteriën zich vooral in de darmen, maar ze kunnen zich ook rond de plasbuis manifesteren. Omdat vrouwen een kortere plasbuis hebben, krijgen ze vaker met dergelijke klachten te maken. Uit verschillende onderzoeken komt naar voren dat d-mannose kan interfereren met de aanhechting van E-coli bacteriën (Michaels et al. 1983). E-coli bacteriën hebben kleine haartjes genaamd fimbriae (pili), waarmee ze zich kunnen hechten aan het epitheel (bedekkend weefsel) van de urinewegen. Deze haartjes hebben een bindingsstof die zich specifiek aan d-mannose hecht. Suppletie van d-mannose lijkt er zodoende voor te zorgen dat de E-coli bacteriën zich hechten aan de d-mannose waardoor ze rechtstreeks de blaas- en urinewegen uitspoelen (Venegas et al. 1995, Westphal et al. 2001, Ofek et al. 1981). Dit resultaat is al met enkele doseringen te bereiken.

Doseringen

Bij aanvang problemen, start met 3 x daags 1500 mg. Wanneer de ergste problemen verdwenen zijn (meestal na een dag of drie) kan men dosering verlagen 2 x daags 1000 capsules. Aan te raden als onderhoudsdosering 1 x daags 500 mg. Meer informatie staat beschreven in de monografie van de Ortho Health Foundation.

Cranberry versus d-mannose

We nemen cranberry vaak in sapvorm of als voedingssupplement in, maar waar het gros van de mensen bekend is met de toepassing van cranberry’s, is d-mannose vaak nog een grijs gebied. Misschien nog onbekend is dat cranberry zijn werkzaamheid onder andere te danken heeft aan de stof d-mannose. De essentiële suiker bevindt zich in geringe hoeveelheden in de kern van de cranberry.

Kort door de bocht zouden we dus kunnen stellen dat cranberry dienst doet als leverancier voor het vele malen krachtigere d-mannose. Met deze gedachte in het achterhoofd vertellen we je dan ook graag op welke punten d-mannose zich onderscheidt van een regulier cranberry supplement.

Voordelen van d-mannose

D-mannose doet dienst als het voornaamste werkzame bestanddeel in de cranberry, daarom dient een vergelijking tussen de twee als goede maatstaaf. Een dagdosering d-mannose staat gelijk aan respectievelijk 225 gram cranberry’s. Dit is vergelijkbaar met maar liefst een zak cranberry’s per dag! Daarnaast heeft d-mannose als voordeel dat het geen goede bacteriën dood, zoals bij antibiotica wél het geval is. Dit brengt ons bij de tweede positieve eigenschap: d-mannose werkt geen schimmelinfecties in de hand, omdat het de natuurlijke balans in de darmen niet aantast. Bovendien is het een 100% natuurlijk nutriënt dat het lichaam ook als zodanig herkent. Als lichaamseigen stof kan het lichaam dus niet resistent worden.

Een evenwichtige darmflora bevordert op diens beurt weer het immuunsysteem. Het is daarom bij uitstek geschikt om te combineren met een goed Pré- en Probiotica supplement, ter versterking van het immuunsysteem. Er bestaan talloze bacteriële stammen die een effect kunnen hebben op de darmflora. Uit onderzoek blijkt dat een probiotica  met meerdere stammen effectiever is dan een probiotica met slechts één stam. Overige graadmeters zijn het overlevingscijfer van de bacteriële stammen na het doorlopen van ons verteringsgestel en de metabole activiteit van de bacteriën. Met deze informatie in het achterhoofd kun je eenvoudig een goede probiotica selecteren ter ondersteuning van de werking van d-mannose.

Bronnen

  • Flores-Mireles, A. L., Walker, J. N., Caparon, M., & Hultgren, S. J. (2015). Urinary tract infections: epidemiology, mechanisms of infection and treatment options. Nature reviews microbiology13(5), 269.
  • Freinkel N, Lewis NJ, Akazawa S, et al. The honeybee syndrome - implications of the teratogenicity of mannose in rat-embryo culture. N Engl J Med 1984;310:223-30
  • Hendriksz CJ, McClean P, Henderson MJ, et al. Successful treatment of carbohydrate deficient glycoprotein syndrome type 1b with oral mannose. Arch Dis Child 2001;85:339-40.
  • Michaels EK, Chmiel JS, Plotkin BJ, Schaeffer AJ. Effect of D-mannose and D-glucose on Escherichia coli bacteriuria in rats. Urol Res 1983;11:97.
  • Neeser JR, Koellreutter B, Wuersch P. Oligomannoside-Type Glycopeptides Inhibiting Adhesion of Escherichia coli Strains Mediated by Type 1 Pili: Preparation of Potent Inhibitors from Plant Glycoproteins. Infection and Immunity. 1986; 52(2); 428-36.
  • Ofek I, Goldhar J, Eshdat Y, Sharon N. The importance of mannose specific adhesins (lectins) in infections caused by Escherichia coli. Scand J Infect Dis Suppl 1982;33:61-7.
  • Ofek I, Mosek A, Sharon N. Mannose-specific adherence of Escherichia coli freshly excreted in the urine of patients with urinary tract infections, and of isolates subcultured from the infected urine. Infect Immun 1981;34:708-11.
  • Shi, Y. B., & Yin, D. (2017). A good sugar, d-mannose, suppresses autoimmune diabetes. Cell & bioscience7(1), 48.
  • Venegas MF, Navas EL, Gaffney RA, et al. Binding of type 1-piliated Escherichia coli to vaginal mucus. Infect Immun 1995;63:416-22.
  • Westphal V, Kjaergaard S, Davis JA, et al. Genetic and metabolic analysis of the first adult with congenital disorder of glycosylation type Ib: long-term outcome and effects of mannose supplementation. Mol Genet Metab 2001;73:77-85.
  • Westphal V, Kjaergaard S, Davis JA, et al. Genetic and metabolic analysis of the first adult with congenital disorder of glycosylation type Ib: long-term outcome and effects of mannose supplementation. Mol Genet Metab 2001;73:77-85.