Palmitoylethanolamide PEA

Wetenschappelijke naam

Palmitoylethanolamide, N-(2-hydroxyethul)hexadecanamide, palmidrol of PEA

Palmitoylethanolamide PEA

Palmitoylethanolamide (PEA, N-(2-hydroxyethyl) hexadecamide, palmidrol), wordt geproduceerd in de celmembranen van onze lichaamscellen, respectievelijk de gliacellen, zenuwcellen en ontstekingscellen. De structuur van PEA is tweeledig, een deel bestaat uit palmitinezuur, dit is een van de meest voorkomende vetzuren in onze celmembranen, en ethanolamide (Keppel Hesselink, 2013). De endogene stof is een vetzuuramide die als lipide mediator onder andere wordt ingezet vanwege zijn neuroprotectieve, anti-neuro-inflammatoire en pijnstillende eigenschappen (Gabrielsson et al., 2016). Uitgebreide onderzoeken onderschrijven de anti-inflammatoire activiteit van de stof en klinische studies tonen de effectiviteit en veiligheid van palmitoylethanolamide bij de behandeling van neuropathische pijnen (Keppel Hesselink, 2012).

In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd PEA reeds geïdentificeerd als een actief ontstekingsremmend middel (Petrosino et al., 2017). Tot 1980 was PEA zelfs als geregistreerd geneesmiddel verkrijgbaar. In de jaren negentig werd de stof opnieuw onder de aandacht gebracht toen Nobelprijswinnaar Rita Levi-Montalcini de relatie tussen de vetzuuramide en de lichaamseigen stof anadamide in kaart bracht. Deze endogene neurotransmitter speelt een rol bij de regulering van pijn, depressie, het geheugen, vruchtbaarheid en hongergevoelens. Hoewel de jaren negentig dus de bakermat vormden voor een reeks aan wetenschappelijke onderzoeken, is PEA sinds 2015 opnieuw grootschalig onder de aandacht gebracht. Sinds 2015 zijn er ruim vijfhonderd wetenschappelijke onderzoeken die de werking van PEA onderschrijven (Petrosino et al., 2017).

Wat de onderzoeken onderling met elkaar gemeen hebben is de rol van palmitoylethanolamide als pijnstillend en ontstekingsremmend middel. Het eerste grootschalige onderzoek werd gedaan onder leiding van Rita Levi-Montalcini. Samen met haar onderzoeksgroep stelde ze dat PEA als een autacoïde letsel antagonist fungeert, waardoor het de activering van mestcellen verlaagt (Petrosino et al., 2017). Vanuit hier zijn verschillende onderzoeken tot stand gekomen waaruit blijkt dat PEA niet slechts via één hoofdmechanisme werkt, maar zich door synergetische interacties langs verschillende mechanismes beweegt. Hierdoor kan PEA therapeutische effecten bereiken in zowel het centrale als het perifere zenuwstelsel (Petrosino et al., 2017).

Werkingsmechanisme

Omdat PEA zich gedurende ruim 300 miljoen jaar heeft kunnen ontplooien in de natuur, heeft de stof zichzelf een bijzondere werking aangemeten in nagenoeg alle levende wezens. Zo werkt PEA ter bescherming van cellen van planten, (ongewervelden) zoogdieren en mensen tegen schadelijke invloeden van buitenaf en bij zuurstofgebrek (Keppel Hesselink, 2013). In ons lichaam wordt de stof door verschillende lichaamscellen geproduceerd, alwaar het een evenwichtige fysiologische functies heeft (homeostase) en wordt gevormd als antwoord op bedreigingen voor onze cellen en weefsels (petrosino et al., 2017, Keppel Hesselink et al., 2013). De reactie van PEA op een schadelijke impuls staat bekend onder de noemer ‘on demand synthese’. Omdat PEA snel reageert, zijn de reacties in voeding eenvoudigweg te laag om een daadwerkelijk effect te hebben (Keppel Hesselink et al. 2013).

PEA is een molecuul dat is samengesteld uit palmitinezuur en ethanolamide en wordt in de lichaamscellen gesynthetiseerd vanuit een celbeschermd mechanisme. Palmitoylethanolamide brengt biologische processen zoals chronische ontstekingen of beschadigingen als gevolg van trauma’s of zuurstofgebrek in balans. Maar ook bij laaggradige ontstekingen produceert ons lichaam PEA om zo het zelfregulerend vermogen van ons lichaam te ondersteunen. Zodoende wordt PEA onder andere ingezet bij uiteenlopende neurologische aandoeningen, zoals Alzheimer, de ziekte van Parkinson, multiple sclerose, amyotrofische laterale sclerose, auto-immuunziektes, chronische pijn, bij klachten als griep en verkoudheid en eczeem. De brede inzetbaarheid van PEA dankt zich aan de betrokkenheid van de analgetica in verschillende belangrijke moleculaire processen.

De meeste analgetica en ontstekingsremmende stoffen werken uitsluitend op het perifere of centrale zenuwstelsel. PEA richt zich daarentegen ook op de deactivatie van niet-neuronale cellen. Ons lichaam produceert PEA in de celmembranen van onze lichaamscellen (gliacellen, zenuwcellen en ontstekingscellen). De productie komt op gang als reactie op chronische ontstekingen, pijn en andere vormen van inflammatie. Wanneer we het werkingsmechanisme van PEA onder de loep nemen, dringt de stof door tot in de kern van de cel alwaar het de activiteit remt van de genen die de ontsteking in stand houden. Bij benadering is palmitoylethanolamide betrokken bij een viertal moleculaire systemen. Deze zijn onder te verdelen in twee directe en twee indirecte systemen (Keppel Hesselink, 2012, Petrosino et al., 2017).

Directe moleculaire doelwitten van PEA

PRAR- α

De specifieke receptor in de celkern heet de PRAR-a receptor. De receptor maakt deel uit van een familie van PRARs (peroxisome proliferator-activated receptors). Wanneer PEA zich bindt aan de PRAR-alfa receptor, ontstaat er een pijnstillend en ontstekingsremmend effect (Keppel Hesselink, 2013). Wanneer de receptor is ingeschakeld, wordt de activiteit geremd van de genen die betrokken zijn in het ontstekingsproces. Zodoende herstelt de receptor het evenwicht bij uit balans gebrachte cellen en reguleert het pijnprikkels. De PRAR- α, ofwel de alfa variant van de peroxisoom proliferator-geactiveerde receptor, is vooral actief in de lever, nieren, hart, spieren, vetweefsel en verschillende cellen van het immuunsysteem. Hierdoor is de werking van PEA bijzonder veelomvattend (Petrosino et al., 2017).

GPR55

PEA heeft bovendien een belangrijke connectie met de wees GPR55 receptor. Deze receptor behoort tot een familie van GPR’s (G-proteïne gekoppelde receptoren) en heeft een cannabinoïde-achtige werking in ons lichaam. De receptor wordt geactiveerd door het belangrijkste bestanddeel van Cannabis Sativa. In bijna alle hersengebieden komt deze receptor tot expressie, waaronder in de cortex, het cerebellum, de voorhersenen, de hippocampus en het striatum. De activering van de receptor resulteert in de vermindering van ontstekingsreacties en pijnprikkels in ons lichaam (Petrosino et al., 2017).

Indirecte moleculaire doelwitten van PEA

CB1 en CB2 receptoren

De CB1 en CB2 receptoren tonen gelijkenis met de GPR55 receptor en behoren dan ook eveneens tot de familie van GPR’s. De activatie van de CB1 receptor werkt voor een groot deel in de hersenen en is onderdeel van de afgifte van neurotransmitters. Daarnaast is de CB1 receptor aanwezig in nagenoeg alle weefsels en in het perifere zenuwstelsel. De CB2 receptor komt grotendeels tot expressie in cellen en perifere organen. De hoofdfunctie van de CB2 receptor heeft betrekking op het controleren van inflammatoire en nociceptieve reacties (verantwoordelijk voor weefselpijn). De receptoren zijn geen direct doel van PEA, maar ze kunnen wel indirect geactiveerd worden door onder andere het entourage-effect. Dit effect houdt in dit geval in dat PEA het effect van anadamide op de receptor weet te versterken (Petrosino et al., 2017).

TRPV1 

TRPV1, ook bekend als de capsaïcine receptor, is een non-selectief ionkanaal dat geactiveerd wordt door zowel psychische als mechanische stimuli. De receptor treffen we aan in de dorsale wortel gangli en sensorische zenuwvezels. Het komt echter ook voor in de hersenneuronen, keratinocyten en andere celtypes. Ook deze receptor is geen direct doel van PEA, maar indirect activeert PEA de TRPV1 receptor door het entourage-effect. De TRPV1 is eveneens een belangrijke receptor in de regulering van pijnprikkels. De receptor werkt namelijk als neuromodulator en beschikt over krachtige ontstekingsremmende effecten (Petrosino et al., 2017).

Farmacokinetiek

PEA lijkt een goede orale biologische beschikbaarheid te hebben, maar er zijn meer complete farmacokinetisch studies nodig om de exacte weefselblootstelling en plaats van het metabolisme van PEA te beoordelen bij toediening (Petrosino et al., 2017).

De werking met PEA in relatie tot pijn, ontstekingen en actiemechanismen in preklinische modellen zijn wel goed onderzocht.

Ontstekingen

De ontstekingsremmende effecten van PEA lijkt nauw samen te hangen met zijn vermogen om mestcel activatie te moduleren en te degranuleren. Ook de koppeling van PEA aan de PRAR- α receptor is verantwoordelijk voor de regulatie van ontstekingen in ons lichaam.(Petrosino et al., 2017).

De analgetica speelt als lichaamseigen stof een belangrijke rol in onder andere de celbescherming, ontstekingsremming en pijnstilling. Het is bij uitstek een ontstekingsremmende stof die een bewezen werkzaamheid heeft in het lichaam. Omdat PEA diep tot in de celkern doorwerkt, is de vetzuuramide in staat ontstekingen te verminderen of zelfs te voorkomen. Zodoende kan de stof het ziekteverloop van verscheidene aandoeningen (chronisch en acuut) gunstig beïnvloeden.

Behandeling met PEA lijkt uitermate geschikt te zijn, omdat het niet onderhevig is aan enzymatische oxidatie, wat bijvoorbeeld wel het geval is bij endocannabinoïden. Daarnaast wordt PEA ook langzaam gehydroliseerd. Zodoende lijkt palmitoylethanolamide de ontsteking te remmen, ontstekingsmoleculen evenals de pathologische doorbloeding van de ontsteking te verminderen (Gabrielsson et al., 2016, Keppel Hesselink et al., 2017).

Chronische pijn

De eerste studies waaruit de mogelijkheid van PEA om verdovende en anti-nociceptieve effecten te bereiken dateert uit 1998 ( Petrosino et al., 2017). Omdat PEA in veel cellen gevormd kan worden en deel uit maakt van ons natuurlijk anti-pijn systeem, wordt het ingezet bij uiteenlopende chronische pijnklachten. Bij chronische pijnprikkels is er een overmatige activatie van cellen die een rol spelen in ontstekingsprocessen, waaronder de mestcellen en gliacellen. Onderzoek wijst uit dat dergelijke ontstekingsprocessen door de cellen zelf in stand worden gehouden en daardoor verantwoordelijk zijn voor de instandhouding van chronische pijnklachten. De remming van de ontstekingsreactie moet zodoende in de celkern worden aangepakt, zodat de ontstekingen geen stand kunnen houden en pijnklachten verminderen (Petrosino et al., 2017). Suppletie met PEA stimuleert het natuurlijk afweermechanisme en herstelmechanisme van het lichaam.

Een graadmeter om de mate van effectiviteit van pijnstillers te meten is de NNT (Number Needed to Treat). Dit geeft het gemiddeld aantal patiënten weer die moeten worden behandeld om één patiënt te krijgen die baat heeft bij de bandeling. De NNT van PEA bij herniapijn heeft een indrukwekkend lage NNT van maarliefst 1,5. Veel reguliere medicatie beschikt over een veel hogere NNT (Keppel Hesselink, 2013). Globaal kan hieruit geconcludeerd worden dat de werkzaamheid van PEA vele malen efficiënter is als reguliere analgetica.

De werking van PEA is in 2017 bij verschillende pijnklachten is in 2017 in kaart gebracht middels een meta-analyse (Efficacy of Palmitoylethanolamide for Pain: A Meta-Analysis). Uit deze analyse kwam naar voren dat PEA effectief is in het reguleren van chronische pijn als gevolg van een variëteit aan condities. Bovendien toonde het onderzoek aan dat PEA goed getolereerd werd in vergelijking tot controle condities; er werden geen bijwerkingen gemeld.

Neuropathische pijn

Neurodegeneratieve ziekten zoals de ziekte van Alzheimer (AD), de ziekte van Parkinson (PD), multiple sclerose (MS) en amyotrofische laterale sclerose (ALS), worden gekenmerkt door geleidelijke en selectieve neuronale celdood die het langzame en progressieve verlies van een of meer functies van het nerveuze systeem tot gevolg hebben. Afhankelijk van het type ziekte, kan neuronale schade leiden tot cognitieve gebreken, dementie, gedragsstoornissen, motorische afwijkingen of verlamming.

De potentiële neuroprotectieve effecten van PEA zijn aangetoond in verschillende experimentele modellen van de ziekte van Alzheimer (Petrosino et al., 2017).

Reguliere pijnmedicatie lijkt bij chronische pijnklachten minder effectief te zijn, dan bij acute pijn, omdat ons lichaam in zeker mate gewenning vertoont. Als gevolg wordt pijnmedicatie vaak met elkaar gecombineerd. Daarnaast zijn er aan het gebruik NSAID’s tal van bijwerkingen verbonden. Uit onderzoek blijkt dat pijnbestrijding middels PEA suppletie specifiek bij neuropathische pijnklachten positief werkt, mede omdat er geen resistentie optreedt bij langdurig gebruik (Keppel Hesselink et al., 2012).

Griep en verkoudheid

Als lichaamseigen stof vormt PEA een essentieel onderdeel in het reguleren van immuungerelateerde aandoeningen, zoals auto-immuunziektes en chronische ontstekingsprocessen. Je kan het vergelijken met  celmeditatie. PEA zorgt er namelijk voor dat een verstoorde cel opnieuw in balans wordt gebracht doordat de ontsteking wordt gedeactiveerd. Zodra onze immuuncellen geactiveerd worden, verhoogt de aanmaak van PEA. Omdat de stof diep doordringt tot in de celkern en daar de cel opnieuw stabiliseert, deactiveert het ontstekingen. Bij zes verschillende dubbelblinde en placebogecontroleerde onderzoeken onder ongeveer 4000 mensen, bleek dat een dosering van 1200-1800 mg per dag verkoudheden of griep kon verminderen of zelfs voorkomen. Ook onder kinderen bleken deze resultaten van toepassing (Keppel Hesselink et al., 2013).

In een onderzoek uit 2013 waarin de effectiviteit en veiligheid van PEA bij griep en verkoudheid werd onderzocht, blijkt dat deze onderzoeken de therapeutische werking van PEA onderzochten bij het influenza virus en normale verkoudheden. Het onderzoek neemt de eerder uitgevoerde onderzoeken onder de loep waarin PEA uitvoerig is onderzocht in klinische studies. Concluderend stelt de uitkomst van deze analyse dat de functie van PEA als therapeutisch middel bij influenza en reguliere verkoudheden positief zijn. Bovendien is PEA uitvoerig aan testen onderworpen in de periode tussen 1971 en 1980 voor verschillende aandoeningen, waaronder centrale en perifere neurologische pijn, pijn bij osteoartritis, traumatisch hersenletsel, multiple sclerosis, amyotrofische laterale sclerose, Alzheimer, prikkelbare darm syndroom, blaaspijnsyndroom en andere viscerale pijnklachten.

Omdat PEA een duidelijke rol vervult als beschermende en balancerende regulerende lipide voorloper, is de klinische rol hiervan onderhevig aan een breed scala aan onderzoeken die zich richten op uiteenlopende aandoeningen. Gezien de resultaten met betrekking tot de griep en reguliere verkoudheden in de context van serieuze kritiek met betrekking tot de effectiviteit en veiligheid, zou PEA moeten worden opgevat door clinici als een nieuwe behandelmethode voor de griep en luchtweginfecties.

Tijdens een griepinfectie stijgt de concentratie van pro-inflammatoire cytokines, die van invloed zijn op de ernst van de griepsymptomen. Suppletie met PEA kan in de acute fase symptomen als hoofdpijn, keelpijn en koorts aanzienlijk verminderen. Daarnaast reduceerde het aantal ziektedagen. Als PEA wordt ingezet ter preventie van griep en verkoudheid, vermindert de stof het risico op het krijgen van griep of verkoudheid met 30 tot 60 procent. Helemaal gezien het feit dat PEA zo goed gedocumenteerd is met betrekking tot zijn effectiviteit en de weinige bijwerkingen die hieruit zijn voorgekomen. Bovendien heeft PEA een snelle therapeutische werking en kan daarmee het antwoord zijn op griepepidemieën en treedt er geen resistentie op zoals wel het geval is bij antibiotica of inentingen (Keppel Hesselink et al., 2013, Keppel Hesselink, 2012, Keppel Hesselink 2013).

Indicaties

Ontstekingen

  • chronische laagdradige ontstekingen
  • ziekte van Parkinson
  • alzheimer
  • multiple sclerose
  • amyotrofische lateraalsclerose
  • chronische darmontstekingen
  • metabool syndroom
  • atherosclerose
  • kinkhoest
  • vaginitis
  • vulvodynie
  • vulvair vestibulitis syndroom
  • blaaspijnsyndroom
  • brandend mondsyndroom
  • temporomandibulair gewichtsaandoening

Chronische pijn

  • artrose
  • artritis
  • migraine
  • hevige menstruatiepijn (dysmenorroe)
  • dyspareunie
  • bekkenaandoeningen
  • prostaataandoeningen
  • endometriose
  • chronische lage rugpijn
  • chronische onbegrepen buikklachten
  • nekpijnen en whiplash klachten
  • fibromyalgie
  • pijnen na kiesextracties
  • viscerale pijnsyndromen
  • (nachtelijke) spierkrampen
  • Temporomandibulaire gewrichtsaandoening

Neuropathische pijn

  • pijn door een hernia
  • pijn bij het carpaal tunnelsyndroom
  • zenuwbeklemmingen
  • gordelrood
  • multiple sclerose
  • pijnen en spasmen na een beroerte
  • pijn door idiopathische axonale neuropathie
  • diabetische neuropathie
  • neuropathie door straling
  • neuropathie door chemotherapie
  • complex regionaal pijnsyndroom
  • niet specifieke neuropathie
  • pijn door heup- en lumbosacrale wervelkolomaandoeningen

Acuut

  • griep (influenza virus)
  • verkoudheid
  • acute trauma’s

(Keppel Hesselink et al., 2012, Keppel Hesselink et al., 2013).

Interacties

De onderzoek geschiedenis naar PEA kent geen meldingen van ernstige bijwerkingen of interacties met andere medicatie (Petrosino et al., 2017).

Referenties: 
  • Borrelli, F., Romano, B., Petrosino, S., Pagano, E., Capasso, R., Coppola, D., ... & Izzo, A. A. (2015). Palmitoylethanolamide, a naturally occurring lipid, is an orally effective intestinal anti‐inflammatory agent. British journal of pharmacology, 172(1), 142-158.
  • Coburn, A. F., Graham, C. E., & Haninger, J. (1954). The effect of egg yolk in diets on anaphylactic arthritis (passive Arthus phenomenon) in the guinea pig. Journal of Experimental Medicine, 100(5), 425-435.
  • Gabrielsson, L., Mattsson, S., & Fowler, C. J. (2016). Palmitoylethanolamide for the treatment of pain: pharmacokinetics, safety and efficacy. British journal of clinical pharmacology, 82(4), 932-942.
  • Gagliano, C., Ortisi, E., Pulvirenti, L., Reibaldi, M., Scollo, D., Amato, R., ... & Longo, A. (2011). Ocular hypotensive effect of oral palmitoyl-ethanolamide: a clinical trial. Investigative ophthalmology & visual science, 52(9), 6096-6100.
  • Gatti, A., Lazzari, M., Gianfelice, V., Di Paolo, A., Sabato, E., & Sabato, A. F. (2012). Palmitoylethanolamide in the treatment of chronic pain caused by different etiopathogenesis. Pain Medicine, 13(9), 1121-1130.
  • Keppel Hesselink, J. M. (2012). New targets in pain, non-neuronal cells, and the role of palmitoylethanolamide. The Open Pain Journal, 5(1).
  • Keppel Hesselink, J. M., de Boer, T., & Witkamp, R. F. (2013). Palmitoylethanolamide: a natural body-own anti-inflammatory agent, effective and safe against influenza and common cold. International journal of inflammation, 2013.
  • Keppel Hesselink, J. M. (2013). Verloren kennis herontdekt: Voedingsstof PEA tegen griep en verkoudheid. Voedingswaarde Dec.
  • Kuehl Jr, F. A., Jacob, T. A., Ganley, O. H., Ormond, R. E., & Meisinger, M. A. P. (1957). The identification of N-(2-hydroxyethyl)-palmitamide as a naturally occurring anti-inflammatory agent. Journal of the American Chemical Society, 79(20), 5577-5578.
  • S Hansen, H. (2013). Effect of diet on tissue levels of palmitoylethanolamide. CNS & Neurological Disorders-Drug Targets (Formerly Current Drug Targets-CNS & Neurological Disorders), 12(1), 17-25.
  • Marini, I., Lavinia Bartolucci, M., Bortolotti, F., Rosaria Gatto, M., & Alessandri Bonetti, G. (2012). Palmitoylethanolamide versus a nonsteroidal anti-inflammatory drug in the treatment of temporomandibular joint inflammatory pain. Journal of orofacial pain, 26(2), 99.
  • M Keppel Hesselink, J. (2012). New targets in pain, non-neuronal cells, and the role of palmitoylethanolamide. The Open Pain Journal, 5(1).
  • Petrosino, S., & Di Marzo, V. (2017). The pharmacology of palmitoylethanolamide and first data on the therapeutic efficacy of some of its new formulations. British journal of pharmacology, 174(11), 1349-1365.
  • Truini, A., Biasiotta, A., Di Stefano, G., La Cesa, S., Leone, C., Cartoni, C., ... & Cruccu, G. (2011). Palmitoylethanolamide restores myelinated-fibre function in patients with chemotherapy-induced painful neuropathy. CNS & Neurological Disorders-Drug Targets (Formerly Current Drug Targets-CNS & Neurological Disorders), 10(8), 916-920.

Gerelateerde aandoeningen

Aandoening Dagdosering*
Artritis 1-3 x daags 400 mg
Artritis 1-3 x daags 400 mg
Artrose 1-3 x daags 400 mg
Blaasontsteking 1-3 x daags 400 mg
Carpaal Tunnel Syndroom 1-3 x daags 400 mg
Dementie 1-3 x daags 400 mg
Fibromyalgie 1-3 x daags 400 mg
Griep 1-3 x daags 400 mg
Hernia 1-3 x daags 400 mg
Migraine 1-3- x daags 400 mg
Multiple Sclerose 1-3 x daags 400 mg
Neuralgie 1-3 x daags 400 mg
Neuropathie 1-3 x daags 400 mg
Pre Menstrueel Syndroom 1-3 x daags 400 mg
Spierkramp, in benen 1-3 x daags 400 mg
Verkoudheid 1-3 x daags 400 mg