Orthomoleculair kennisinstituut
Menu

Curcuma: van specerij naar therapeutisch inzetbaar product

1 maart 2018
4 minuten leestijd
Route van plant naar capsule
In het kort
  • Een kwestie van opneembaarheid
  • Technieken voor de verbetering van opneembaarheid
  • Hoe bepaal ik de kwaliteit van een curcuma supplement?
  • Conclusie

Het gebruik van curcuma in de keuken

De curcuma is in de Indiase keuken een belangrijke smaakmaker en één van de belangrijkste ingrediënten van curry. Curcuma geeft de gerechten niet alleen een mooie, diepe gele kleur (populair bij rijst), maar bevordert ook de spijsvertering door de licht bittere smaak. De Indiase bevolking verbruikt dagelijks 2 tot 2,5 gram per persoon.

Van wortel tot poeder

De curcuma longa kan ongeveer 1 meter hoog worden. Het gewas groeit het beste in vochtige, warme gebieden. Voor het gebruik van curcuma worden de knollen en wortelstok gescheiden van de laterale wortels.

Vervolgens worden ze ondergedompeld in kokend water en daarna in de zon gelegd om te drogen. Door het drogen in de zon krijgen de ondergrondse delen een gele kleur. De gele kleur wordt door het zogenaamde curcumine (in feite zijn er zeker drie verschillende curcuminoïden) te weeg gebracht. Na droging maalt men de wortelstokken tot een poeder dat de naam “curcuma” of “kurkuma” heeft.

Er zijn verschillende variëteiten van curcuma. Afgezien van Curcuma longa – de echte curcuma – is er een Curcuma xanthorrhiza (Javaanse kurkuma, Javaanse curcuma, curcuma bitter) en Curcuma zedoaria (ceder root). De curcuma zedoaria komt uit de Himalaya, waar de bladeren van de plant gebruikt worden als een salade.

Route van plant naar capsule
Route van plant naar capsule

Een kwestie van opneembaarheid

Van curcuma zijn het vooral de drie soorten curcuminoïden waaronder curcumine, bisdemethoxy curcumine en demethoxy curcumine, die verantwoordelijk zijn voor de gunstige effecten. Het percentage curcuminoïden in curcuma wortel of poeder ligt echter vrij laag.

Indien het biologisch is en van de hoogste kwaliteit, dan is dat vaak niet hoger dan 2,4%. Afhankelijk van het beoogde effect verschilt de therapeutische dosering die nodig is, maar dit betekent dat er voor een dergelijke dosering zeer veel wortel of poeder benodigd is.

In een studie werd vergeleken wat het effect was van de opname van een gestandaardiseerd curcuminepoeder met en zonder zwarte peperextract. Dit onderzoek toonde aan dat de serumwaardes van alleen het curcumine extract zeer laag bleven, terwijl de serumwaarde van de curcumine met zwarte peperextract flink steeg (Shoba, et al., 1998). Uit een ander onderzoek met een normaal gestandaardiseerd extract werden de meeste circulerende curcumines gevonden in geconjugeerde vormen zoals glucuroniden en sulfaten (Dhillon, et al., 2008). Deze belangrijke vondst wordt door dit onderzoek verklaard door een zeer snelle transformatie van curcuma in het lichaam.

Van poeder tot supplement

Het onderzoek van Pal, et al. (2014) heeft aangetoond dat de geconjugeerde curcuminoïden, het merendeel van de circulerende curcumine uit het normaal gestandaardiseerde extract, een lage biologische activiteit vertonen.

Echter worden er bij inname van curcumine ook diverse actieve metabolieten gevormd, waarvan enkele een zeer potente biologische activiteit tonen (Kang, et al 2014, Lee, et al 2005, Calabrese, et al 2007) Curcumine zelf is dus zeker potent, maar vertoont de biologische activiteit enkel door middel van een selecte groep metabolieten.

Er zijn inmiddels vele soorten voedingssupplementen op de markt die allen een verbeterde werking claimen. Aangezien slechts een klein deel van de curcuminoïden omgezet worden in de actieve metabolieten zou het verhogen van de inname in theorie ook moeten zorgen voor een verbeterde werking. Maar is dat ook het geval? Verhogen deze supplementen daadwerkelijk de aanvoer van de selecte groep actieve metabolieten of verhogen deze ook de biologische inactieve geconjugeerde vormen?

Technieken voor de verbetering van opneembaarheid

Naast het gebruik van een curcuma extract in combinatie met zwarte peperextract, worden bijvoorbeeld ook nanotechnologie, liposomen en fosfatidylcholinecomplexen toegepast door producenten voor het verhogen van de biologische beschikbaarheid van de curcumine. In het onderzoek van Prasad en Ranzari (2015) worden 7 verschillende vormen met elkaar vergeleken. Zij kwamen daarbij tot de conclusie dat alhoewel de meeste technieken een hogere biologische beschikbaarheid lijken te vertonen, deze in werkelijkheid minder curcuminoïden bevatten of vooral de hoeveelheid biologisch inactieve vormen verhogen.

Shoba, et al. (1998) hebben echter aangetoond dat het zwarte peperextract in combinatie met curcuma zorgt voor een verhoging van de biologische beschikbaarheid met een factor 20. Deze factor is gemeten voor de curcumine zelf en niet voor de inactieve metabolieten, aangezien in 1986 al is aangetoond door Singh, et al. dat piperine, dat zich in zwarte peperextract bevindt, de glucuronidering van de curcumine naar de inactieve metabolieten remt. Daarnaast heeft piperine een thermogeen effect. Dit zorgt voor het open staan van de microhaarvaten van het darmslijmvlies, waardoor de curcuma beter opgenomen kan worden.

Curcumine
Curcumine

Hoe bepaal ik de kwaliteit van een curcuma supplement?

Belangrijk bij het bepalen van de kwaliteit van een curcuma supplement is naast een claim voor een hogere biologische beschikbaarheid vooral ook de hoeveelheid curcuminoïden, oftewel welke formule bevat de maximale hoeveelheid curcuminoïden in het product (soms gespecificeerd als hoeveelheid “curcumine”), gebaseerd op de beschikbaarheidsfactor vermenigvuldigd met de hoeveelheid curcuminoïden.

Formule: hoeveelheid curcuminoïden x biologische beschikbaarheidsfactor

Daarnaast is het dus zeer belangrijk om te kijken naar de vorm van de curcuminoïden. Als de formule piperine bevat, dan bevat het alleen curcuminoïden in vrije vorm, zoals aangetoond door Singh, et al. (1986). Is dit niet het geval, dan bevat het ook de inactieve geconjugeerde vormen. Verder is belangrijk of de formule veilig bevonden is, hoeveel klinische studies er op uitgevoerd zijn en of er een veilig bevonden innamegrens is vastgesteld in onderzoek.

Conclusie

Inmiddels heb je kunnen lezen dat curcuma poeder niet mag ontbreken in de moderne keuken. Het gebruik van curcumapoeder op therapeutische basis is echter lastig gebleken, daarvoor moet er een ondoenlijke hoeveelheid poeder worden ingezet. Het doel van de ontwikkeling van ons curcuma product was dan ook het aantal curcuminoïden per capsule te maximaliseren en daarnaast de opneembaarheid te vergroten.

Gratis advies op maat

Wij bieden gratis advies op maat aan door onze orthomoleculair specialisten!

Advies op maat
Referenties
  • Calabrese, V., Guagliano, E., Sapienza, M., Panebianco, M., Calafato, S., Puleo, E., … & Stella, A. G. (2007). Redox regulation of cellular stress response in aging and neurodegenerative disorders: role of vitagenes. Neurochemical research, 32(4-5), 757-773.
  • Dhillon, N., Aggarwal, B. B., Newman, R. A., Wolff , R. A., Kunnumakkara, A. B., Abbruzzese, J. L., … & Kurzrock, R. (2008). Phase II trial of curcumin in patients with advanced pancreatic cancer. Clinical Cancer Research, 14(14), 4491-4499.
  • Kang, N., Wang, M. M., Wang, Y. H., Zhang, Z. N., Cao, H. R., Lv, Y. H., … & Gao, X. M. (2014). Tetrahydrocurcumin induces G2/M cell cycle arrest and apoptosis involving p38 MAPK activation in human breast cancer cells. Food and Chemical Toxicology, 67, 193-200.
  • Lee, S. L., Huang, W. J., Lin, W. W., Lee, S. S., & Chen, C. H. (2005). Preparation and anti-infl ammatory activities of diarylheptanoid and diarylheptylamine analogs. Bioorganic & medicinal chemistry, 13(22), 6175-6181.
  • Majeed, M. (2015) Personal communication. The Age of Biotransformation.
  • Pal, A., Sung, B., Prasad, B. A. B., Schuber, P. T., Prasad, S., Aggarwal, B. B., & Bornmann, W. G. (2014). Curcumin glucuronides: assessing the proliferative activity against human cell lines. Bioorganic & medicinal chemistry, 22(1), 435-439.
  • Prasad P. & Anzari M. (2015). Bioavailable curcumin: Separating science from verbosity. NutraCos, 14, Vol. 2 ISSN 1720-4011, pp. 2-6.
  • Shoba, G., Joy, D., Joseph, T., Majeed, M., Rajendran, R., & Srinivas, P. S. S. R. (1998). Infl uence of piperine on the pharmacokinetics of curcumin in animals and human volunteers. Planta medica, 64(04), 353-356.
  • Singh, J., Dubey, R. K., & Atal, C. K. (1986). Piperine-mediated inhibition of glucuronidation activity in isolated epithelial cells of the guinea-pig small intestine: evidence that piperine lowers the endogeneous UDP-glucuronic acid content. Journal of Pharmacology and Experimental Therapeutics, 236(2), 488-493.
Sluiten