Orthomoleculair kennisinstituut
Menu

Glutenintolerantie

3 maart 2015
16 minuten leestijd
Wegwijzer
In het kort
  • Symptomen coeliakie
  • Behandeling glutenintolerantie (coeliakie)
  • Leaky gut in relatie tot ADHD
  • Exorfinen in relatie tot ADHD
  • Tarwe-intolerantie
  • Oplossing van het tarwedilemma

Glutenintolerantie is een aandoening van de dunne darm die het gevolg is van intolerantie voor gluten. Er is een intolerantie voor gliadine en glutenine, die samen het eiwit gluten vormen. In de afgelopen vijftig jaar is de mens steeds meer glutenrijke voedingsmiddelen gaan eten.

Is gezondheid ook jouw passie en wil je meer leren over voeding en suppletie? Bekijk dan eens onze e-learning Orthomoleculair Adviseur Basis.

Gratis advies op maat

Wij bieden gratis advies op maat aan door onze orthomoleculair specialisten!

Advies op maat

Dit heeft ongetwijfeld bijgedragen aan het steeds vaker tot uiting komen van coeliakie bij daarvoor gevoelige mensen. Het komt in de Westerse wereld steeds vaker voor dat mensen min of meer overgevoelig zijn voor gluten of tarwe- en melkproducten zonder direct coeliakie te hebben. Dit noemen wij subklinische glutenintolerantie of tarwe-intolerantie. Gluten beschadigen het slijmvlies van de dunne darm. Er ontstaat een verhoogde doorlaatbaarheid van de darm (leaky gut), waardoor het immuunsysteem reageert op de binnengedrongen gluten. Door de overvloedige exorfinen (morfine achtige peptiden) is er nu ook een relatie gelegd met Autisme en ADHD.

Volg deze opleiding als E-learning
Start nu met e-learning en ontvang tot wel 27.5% korting! E-learning
Bekijk de E-learning

Glutenintolerantie

Glutenintolerantie is een aandoening van de dunne darm die het gevolg is van intolerantie voor gluten. Er is een intolerantie voor gliadine en glutenine, die samen het eiwit gluten vormen. De gliadine is de boosdoener. Gluten zijn eiwitten die zeer plakkerig zijn. Ze geven daarom een bepaalde structuur aan het eten. Gluten komt uit het Latijn en betekent “lijm”. Het lijmachtige van gluten is de reden dat er zoveel rek in brood met tarwe zit. Het immuunsysteem reageert op gluten. Hierbij ontstaat een ontsteking in de dunne darm met als gevolg een degeneratie van de darmvlokken. Voedingsstoffen worden hierdoor slecht opgenomen en voedingstekorten kunnen het gevolg zijn. Glutenintolerantie (Coeliakie) is weliswaar een erfelijk bepaalde ziekte, maar het aantal mensen met coeliakie is de laatste vijftig jaar met meer dan een factor vier toegenomen en dat is nog maar het topje van de ijsberg. In de afgelopen vijftig jaar is de mens steeds meer glutenrijke voedingsmiddelen gaan eten, wat ongetwijfeld heeft bijgedragen aan het steeds vaker tot uiting komen van coeliakie bij daarvoor gevoelige mensen. Tevens zal het gebruik van bestrijdingsmiddelen, de plantenveredeling en de verandering in de voedingsindustrie een grote rol meespelen. Er is veel veranderd met betrekking tot de genetische eigenschappen van tarwe en andere granen en de manier waarop ze geraffineerd worden. Bij kinderen die borstvoeding krijgen is de kans minder groot dat coeliakie tot ontwikkeling komt. In een onderzoek lijken vooral langere duur van borstvoeding en introductie van gluten in die periode bij te dragen aan vermindering van het aantal kinderen met coeliakie.

Symptomen coeliakie

Coeliakie kan gepaard gaan met uiteenlopende klachten en symptomen zoals opgeblazen buik en buikpijn, chronische diarree of constipatie, braken, bleke of vettige ontlasting en irritatie. Coeliakie komt geregeld in combinatie met andere aandoeningen voor. De symptomen van coeliakie variëren van persoon tot persoon. De verschijnselen kunnen zich voordoen in het darmstelsel of in andere delen van het lichaam. Bij jonge kinderen komen veel bovengenoemde darmklachten voor. De slechte opname van voedingsstoffen kan bij kinderen leiden tot een slechte gezondheidstoestand, groeiachterstanden, laat optredende puberteit en gebitsdefecten. Bij volwassenen kunnen symptomen gerelateerd aan de dunne darm of malabsorptie van voedingsstoffen mild, niet-specifiek of zelfs afwezig zijn. Niet iedereen met aanleg voor coeliakie krijgt symptomen, aanwezige symptomen zijn vaak atypisch en veel mensen krijgen pas klachten op latere leeftijd. De celdood van de enterocyten (de cellen van het darmslijmvlies) leidt tot verlies van darmvlokken (eindfase). Dit noemen wij vlokatrofie. Hierdoor worden voedingsstoffen niet meer goed opgenomen (wat onder andere tot energieverlies en vermagering leidt, en bij kinderen tot een slechte groei) en vaak ontstaat een vettige, volumineuze diarree. Naar alle waarschijnlijkheid hebben de meeste patiënten asymptomatische coeliakie (vlokatrofie zonder duidelijke klachten) of atypische coeliakie (vlokatrofie met niet-specifieke klachten/symptomen zoals ijzergebreksanemie, osteoporose, migraine of onvruchtbaarheid). Klachten die gerelateerd zijn aan malabsorptie zijn aanhoudende diarree, braken, buikpijn, winderigheid, een opgeblazen buik, overmatige ontlasting, een stinkende, vette ontlasting, smeuiïge stinkende ontlasting, ongewenst gewichtsverlies, ondergewicht, bloedarmoede, osteopenie, osteoporose, vermoeidheid en lethargie en tekorten aan diverse macro- en micronutriënten. Dertig tot veertig procent van de coeliakiepatiënten heeft tegen de verwachting in toch last van overgewicht. Klachten met betrekking tot de auto-immuniteit zijn dermatitis herpetiformis (jeukende rode blaasjes op billen, ellebogen en knieën), perifere neuropathie en cerebellaire ataxie (neurologische coördinatiestoornissen). Klachten die ontstaan als gevolg van de verstoring van de darmbeweeglijkheid zijn slikproblemen, oprispingen en soms constipatie. Bijna 50% van de mensen met onbehandelde coeliakie heeft depressieve klachten, angst, nervositeit, prikkelbaarheid of zelfs schizofrenie. Andere coeliakie gerelateerde klachten die o.a. veroorzaakt worden ten gevolge van de gestoorde voedselopname kunnen zijn: bloedarmoede, vermoeidheid, hoofdpijn, migraine, epilepsie, pijnlijke spieren, gewrichten en botten, artritis, niet specifieke leverontsteking, menstruatiestoornissen, problemen met de vruchtbaarheid, dermatitis, impotentie, rugpijn, andere intoleranties (zoals lactose), stomatitis (ontsteking mondslijmvlies), nierstenen (door hyperoxalurie), aften (pijnlijke zweertjes in de mond).

Levels bij aanmaak DPP-IV
Levels bij aanmaak DPP-IV

Behandeling glutenintolerantie (coeliakie)

Bij coeliakie bestaat de behandeling uit het volgen van een strikt glutenvrij dieet met glutenvrije granen en peulvruchten zoals rijst, maïs, teff, quinoa, boekweit, gierst, amarant, soja en kikkererwten. De meeste mensen verdragen wel haver maar aangeraden wordt om toch niet meer dan 70 gram per dag te nuttigen. Het dunne darmepitheel kan zich dan volledig herstellen. In de praktijk blijkt het lastig te zijn om dit dieet volledig te volgen. Wanneer men niet meer neemt dan de kleine hoeveelheid van 2,5 tot 5 gram per dag, kan het auto-immuunsysteem herstellen. Door de malabsorptie bij coeliakie patiënten ontstaan vaak tekorten van essentiële voedingsstoffen. Met name een tekort aan ijzer, vitamine B12, foliumzuur en carnitine. IJzer wordt bij coeliakie onvoldoende opgenomen in duodenum en jejunum. Zowel foliumzuur als vitamine B12 tekort wordt veel gezien bij coeliakie patiënten. Een foliumzuurtekort komt vaak voor bij coeliakie en kan leiden tot bloedarmoede, neurologische klachten, vergeetachtigheid, geïrriteerdheid en stijging van de homocysteïnespiegel. Stijging van de homocysteïnespiegel wordt in verband gebracht met hart- en vaataandoeningen. Bij coeliakiepatiënten verklaart dit mede de correlatie tussen coeliakie en hart- en vaatziekten. Klachten als vermoeidheid, depressie en paresthie zijn bij coeliakie te verklaren door vitamine B12 tekort. Onbehandelde coeliakie kan ook leiden tot een tekort aan calcium en vitamine D waaruit osteopenie of osteoporose kan ontstaan. In de herstelfase is het raadzaam deze stoffen aan te vullen. Andere tekorten die regelmatig gezien worden zijn de vetoplosbare vitamines (A, D, E, K), bètacaroteen, essentiële vetzuren, voedingsvezels, magnesium, zink, koper, carnitine, selenium, thiamine, riboflavine en niacine. Ook na herstel door een langdurig glutenvrij dieet is het raadzaam een goede multi voor de dag en voor de nacht te nemen aangezien er minder essentiële voedingsstoffen aanwezig zijn in een glutenvrij dieet.

Subklinische glutenintolerantie

Het komt in de Westerse wereld steeds vaker voor dat mensen overgevoelig zijn voor gluten of tarwe- en melkproducten. De stijging van deze overgevoeligheid hangt samen met de enorme hoeveelheid aan tarwe in onze voeding. Overgevoeligheid voor gliadine en glutenine, die samen het eiwit gluten vormen, liggen ten grondslag aan de overgevoeligheid voor gluten. Gluten beschadigen het slijmvlies van de dunne darm. Er ontstaat een verhoogde doorlaatbaarheid van de darm Leaky Gut), waardoor het immuunsysteem reageert op de binnengedrongen gluten.

Leaky gut en ontstekingen

Bij het Leaky Gut Syndrom (lekkende darmsyndroom) is het darmslijmvlies beschadigd. Bij een Leaky Gut komen onverteerde voedingsbrokjes met het lichaamseigen weefsel in contact. Eenzijdige voeding, het gebruik van anti-biotica, belasting door toxinen uit het milieu, te veel zuurvormende voeding, stress en andere factoren verstoren verder het microbiologische evenwicht. Een voedingsallergie kan dan het gevolg zijn. Wanneer bijvoorbeeld een appel niet volledig wordt verteerd en het darmslijmvlies een grotere doorlaatbaarheid heeft komen eiwitbestanddelen van de appel als vijandige indringer binnen. Hierop reageren afweercellen met een immuunreactie en het produceren van IgG (Immunoglobulinen G). Het lichaam kan onbekende eiwitten van een bepaalde omvang opmerken. Dat kunnen virussen en bacteriën zijn, maar ook niet goed verteerde voedingsdeeltjes. Het lichaam ziet deze allemaal als “indringers”, dus ook de appeldeeltjes. Om deze “indringers” onschadelijk te maken, produceren eigen afweercellen (lymfocyten) nu antilichamen (afweereiwitten). Er ontstaat een appelallergie. Door de lekkende darm ontstaan ook ontstekingen. De zogenoemde laaggradige ontstekingen die het immuunsysteem verstoren. Bij aandoeningen als astma, allergieën, terugkerende infecties, voortdurende buikklachten of andere voedingsintoleranties zien wij vaak een subklinische glutenintolerantie. Voedingssupplementen voor het corrigeren van intestinale hyperpermeabiliteit en de genezing van het dunne darmslijmvlies zijn: probiotica (Lactospore), L-glutamine en de spijsverteringsenzymen: Pancreatine, Hemicellulase, Bromelaïne, Papaïne, Trypsine, Chymotrypsine en Rutine.

Leaky gut in relatie tot ADHD

Er wordt tegenwoordig steeds meer verondersteld dat mensen met beperkingen op het gebied van sociale interactie en (non-) verbale communicatie en hyperactieve & impulsieve kinderen, een Leaky Gut hebben. Hierdoor kunnen onverteerde peptide reeksen de darmwand passeren vervolgens de bloedbaan in stromen en naar de hersenen gaan waar zij de hersenfunctie kunnen beïnvloeden (opioïd excess theory). Onderzoek heeft uitgewezen dat wanneer ouders van deze kinderen gluten en caseïne elimineerden uit het dieet er drastische verbeteringen optraden in het gedrag van het kind op zowel fysiologisch als sociaal vlak. Onderzoekers hebben tevens geconstateerd dat kinderen met allergische klachten, hoge exorfinen-waarden hebben en een lage DPP-IV enzym activiteit.

Verslaving

Graan en smaakmakers zijn verslavend. Om de opbrengsten van tarwe te verhogen is er de afgelopen decennia enorm gesleuteld aan de bewerking van deze graansoort. Dit heeft geresulteerd in een tarwesoort die zoveel genetische verschillen vertoonde met de oorspronkelijke tarwe dat dit volgens de Amerikaanse cardioloog William Davis, enorme gevolgen voor de gezondheid teweeg heeft gebracht. Ons voedingspatroon is er door veranderd. De voedselindustrie heeft namelijk ook ontdekt wat de optimale verhouding tussen vet en zetmeel moet zijn, om ervoor te zorgen dat wij er zo veel mogelijk van opeten. De combinatie tarwe en vet, bijvoorbeeld een pizza of een boterham met kaas, is bij sommige mensen moeilijk te weerstaan.

Onder invloed van hormonen wordt het eetgedrag bepaald. Door het eten van vet wordt het serotonine- en endorfinegehalte in het bloed verhoogd. Er komt dopamine vrij en dat geeft een tijdelijk goed gevoel. De dopamine zorgt ervoor dat je verslaafd raakt aan voeding. Tarwe werkt verslavend en bovendien krijgen mensen een ongewenst groeiende buikomvang. Er is ook een ander aspect die het hunkeren naar voedsel verklaart. Dit zijn stoffen uit onverteerde gluten de zogenaamde “Exorfinen”.

Exorfinen

Exorfinen zijn stofjes die gevormd worden uit gluten, melkeiwit (caseïne), soja, spinazie en sommige schimmels. Ze geven een morfine achtige werking waardoor ze populair zijn. De werking van de lichaamseigen endorfine wordt afgeremd. Er ontstaat tijdelijk een gelukkig of rustmakend gevoel na het nuttigen van brood, pizza, pasta, melk, kaas, koekjes en roomijs. Het gebruik van tarwe en melkproducten zijn de laatste jaren enorm toegenomen evenals de gluten concentraties in tarwe. Al deze voedingsmiddelen bevatten de zogenaamde exorfinen. Exorfinen behoren tot de opioïden. Dit zijn opiaatachtige stoffen die de werking van de lichaamseigen endorfinen afremt. Exorfinen worden opgenomen uit gedeeltelijk verteerd voedsel. Deze opioïde peptides die door oorzaken van buitenaf (exogeen) het lichaam binnendringen zijn de tegenhangers van endorfines. Exorfines hebben hetzelfde effect als endorfine en morfine. Opioïde peptide-systemen in de hersenen staan er om bekend dat zij een belangrijke rol spelen in de motivatie, emotie, hechting, de reactie op stress en pijn en de controle van voedselinname. Onderzoek heeft aangetoond dat exorfinen in de bloedsomloop terecht komen, door de darmwand te passeren die aangetast is door verworven of genetische aandoeningen. Ze bereiken het centrale zenuwstelsel waar zij neurotransmissie moduleren en het gedrag kunnen beïnvloeden, tevens spelen zij mogelijkerwijs een rol in bepaalde mentale stoornissen.

Exorfinen in relatie tot ADHD

Er wordt een relatie gelegd tussen gluten en autisme, een hersenaandoening die optreedt op jonge leeftijd. In studies wordt een verhoging van opioïde stoffen in de urine gevonden. Ook heeft de Hopkins Universiteit in 2012 een theorie over de relatie tussen schizofrenie en gluten exorfinen gepubliceerd. Voeding die exorfinen bevatten zoals gluten, melk, soja en spinazie belemmeren de werking van ons endorfinesysteem waardoor de vrijgave van dopamine wordt geremd. Mensen met een exorfine tolerantie ervaren meer stress, zijn gevoeliger voor zintuigelijke prikkels en hebben een enorme gevoeligheid voor geuren. Sommige mensen ruiken geuren die voor andere mensen niet waargenomen worden. Eetstoornissen, angst, aandachtstoornis, verslaving, impulsiviteit, dwangmatig gedrag, gespannen, hypergevoeligheid voor aanraking (bij de hoofdstreek), endogene depressie, stress-stoornis, astma, autisme, psychose, schizofrenie, chronische vermoeidheid, auto-immuunziekten, ADD, ADHD, ASS en laaggradige ontstekingen zijn een aantal kenmerken van een door exorfinen falend endorfine systeem. Een normale DPP-IV enzym productie zorgt voor een normale vertering van de gluten eiwitten en door een tekort aan dit enzym kan een endorfineresistentie ontstaan met als gevolg een tekort aan dopamine productie. Mensen met een exorfine-intolerantie kunnen beter geen gluten, melk, soja of spinazie nuttigen. Exorfinen worden door het enzym DPP-IV omgezet in aminozuren. Het gebruik van supplementen met DPP-IV kan een uitkomst bieden bij deze mensen.

Epigenetica

Ziekten ontstaan door onnatuurlijke veranderingen in onze voeding en omgeving. De kans op kanker is ondanks de medische vooruitgang en de miljarden verslindende onderzoeken met 350% toegenomen sinds 1970. 25 jaar geleden had niemand nog gehoord van ADHD. In de afgelopen 40 jaar zijn onze voedingsgewoonten compleet veranderd. De grootste en belangrijkste verandering is de bewerking van ons voedsel. Onze leefomgeving verandert van een natuurlijke in een chemische. Met de kennis uit de epiginetica kunnen wij veel leren. Met gezonde voeding en een gunstigere leefomgeving kunnen wij een halt toeroepen aan chronische aandoeningen en ziekten. Het lijkt een utopie maar je kunt voeding inzetten om ziekten te voorkomen en te behandelen. Inzichten uit de epigenetica kunnen ons helpen en zal doordringen in onze samenleving om de doodeenvoudige reden dat de ziektekosten te hoog worden en niet meer opgebracht kunnen worden.

DPP-IV enzym suppletie

Het is niet altijd mogelijk een dieet te vrijwaren van gluten- en caseïne. Mede door het grote voedingsmiddelen aanbod en de verslavende effecten van deze voeding worden ze toch gegeten. Een van de enzymen die nodig is bij de vertering van deze hardnekkige peptiden is dipeptidyl peptidase IV (DPP IV). DPP IV is normaliter in de dunne darm aanwezig en zorgt hier voor het verteren van o.a. gluten en caseïne. Wanneer er echter onvoldoende van dit enzym aanwezig is kunnen deze peptides niet worden afgebroken en kunnen personen die overgevoelig zijn voor gluten verschillende buikklachten ervaren. Er zijn ook verscheidene publicaties verschenen waarin wordt aangetoond dat deze onverteerde peptides (door een verlaagde DPP IV activiteit) effecten hebben die bepaalde symptomen kunnen veroorzaken zoals hyperactiviteit bij kinderen of kinderen waarbij contact met de buitenwereld en communicatie niet of moeizaam verloopt. Onderzoek heeft uitgewezen dat DPP IV activiteit laag is in mensen met autisme. Het DPP-IV is een protease (eiwitafbrekend enzym) met de capaciteit om gluten af te breken. Hoe hoger de concentratie DDP-IV hoe groter de afname in de grootte van eiwitten en moleculair gewicht. Hoewel de onderzoeksresultaten hieromtrent al zeer indrukwekkend zijn en laten zien dat DDP-IV enzymen helpen bij de afbraak van gluten, is het tevens noodzakelijk deze eiwitten onschadelijk te maken door de prolineverbindingen te splitsen. Gluten en caseïne zijn namelijk rijk aan het aminozuur proline. Er kunnen nog zo veel proteolytische enzymen met HUT activiteit in een supplement aanwezig zijn, als het niet over de enzymen beschikt om proline af te breken, zal het supplement bijna geen effect hebben op de afbraak van gluten, caseïne of andere peptides die moeilijk verteerbaar zijn. Met een goed complex met drie vormen van DPP-IV richten diaminopeptidyl peptidase (DPP-IV), prolyl aminopeptidase en aspergillopepsine zich voornamelijk op deze hardnekkige prolinebindingen. DPP-IV zal uitkomst kunnen bieden voor al die mensen die overgevoelig zijn voor gluten of bij mensen die de neiging hebben om verslaafd te raken aan glutenrijke producten.

Suppletieadvies bij glutenintolerantie

Suppletieadvies bij glutenintolerantie

Tarwedilemma

Er wordt vaak gezegd dat het eten van graanproducten als tarwe juist goed is. Het is rijk aan vitamine B en het zorgt voor voldoende jodium in ons lichaam. In principe klopt dat wel, maar dat is slechts een deel van het verhaal. Wilt u namelijk echt profiteren van de gunstige effecten van tarwe op de spijsvertering, dan zou u wel tien tot twaalf boterhammen per dag moeten eten. Niet zo’n gezond idee zoals wij hebben kunnen lezen. Bovendien leidt dat tot overgewicht, opgeblazen gevoel en constipatie. Kortom, een dilemma.

Tarwe-intolerantie

Tarwe-intolerantie komt ook steeds vaker voor. De graansoort tarwe wordt over de hele wereld geteeld. Het is een eenjarig gewas. Een groot deel van de wereldbevolking gebruikt tarwe als basisvoedingsmiddel. In ontelbaar veel voedingsmiddelen wordt tarwe gebruikt. Ze worden bewerkt tot of verwerkt in producten zoals: brood, pasta, koek, meel en gepofte tarwe. Het tarwezetmeel – vaak gemodificeerd zetmeel – wordt gebruikt als vulstof in de voedingsmiddelenindustrie. Tarwe heeft veel veranderingen ondergaan; er zijn hybride soorten ontwikkeld die grotere hoeveelheden stoffen zoals glutenine bevatten dan vroegere tarwesoorten. Inmiddels zou zo’n 15 procent van de bevolking er last van hebben. In tegenstelling tot tarwe-allergie of glutenintolerantie kan tarwe-intolerantie in de reguliere wetenschap niet worden aangetoond door onderzoek. In de medische literatuur wordt tarwe-intolerantie dan ook nauwelijks genoemd. Een overgevoeligheid voor gluten kan thuis eenvoudig getest worden door gedurende minimaal twee weken (liever een maand) geen gluten te gebruiken en het daarna weer in de voeding op te nemen. Als de klachten daarop afnemen en later weer toenemen, bestaat er een redelijke zekerheid dat er een probleem is bij het verteren van gluten is. Om tarwe beter en makkelijker te laten verteren kan men DPP-IV capsules gebruiken. DPP-IV is een enzym dat voorkomt in de darmen. Gebruik: Neem DPP-IV enzym capsule in voor de maaltijd die gluten bevat (bij coeliakie mag dit absoluut niet), de vertering en verwerking van de gluten zal dan een stuk beter verlopen. Het DPP-IV enzym zorgt voor afbraak van exorfinen (hierover later meer) en tientallen andere stoffen in de dunne darm, de bloedbaan en de hersenen.

De waarheid over tarwe

Voor we verder praten over de voor- en nadelen van tarwe is het goed om te weten hoe de graankorrel hiervan nu eigenlijk precies is opgebouwd. Deze bestaat uit vier onderdelen, met elk hun eigen kenmerken:

  1. De kiem: rijk aan vetten en vitaminen
  2. De kern: bestaat uit zetmeel en gluten vol koolhydraten en eiwitten
  3. De schil: verhoute cellulose en verpakte enzymen
  4. De subcorticale laag: rijk aan eiwitten, aminozuren, mineralen en enzymen

Kijkend naar deze samenstelling wordt al snel duidelijk dat de uitdrukking ‘het kaf van het koren scheiden’ niet helemaal opgaat. Bij het malen van graan richt men zich doorgaans weliswaar op het zetmeel en de gluten van de kern, maar daarbij gaan er juist veel voedingsstoffen uit de overige delen van het kaf verloren. Dit probleem komt eigenlijk doordat graanproducten lastig te verwerken zijn door ons lichaam. Bij het malen richt men zich op de graankorrel, waarbij het zogenaamde kaf wordt weggegooid. Zonde, want deze zitten vol stoffen die de graankorrel helpen om voedingsstoffen te verteren. De natuur regelt dit met zijn eigen ingewikkelde en langzaam werkende systeem van enzymen. Deze enzymen komen zo langzaam vrij, dat ze het menselijk lichaam via de spijsvertering eigenlijk al weer verlaten voor ze actief kunnen worden. Een gemiste kans, die u nu dankzij Grain Solution wel kunt gaan benutten. Hierin zijn de positieve elementen uit de graanschil namelijk zeer fijn vermalen, zodat de aanwezige enzymen makkelijker en vooral sneller door het lichaam kunnen worden opgenomen.

Oplossing van het tarwedilemma

Gemicroniseerde tarwezemelen bevatten niet alleen 51% waardevolle voedingsvezels maar ook enzymen, aminozuren en vitamines. Door de speciale gepatenteerde productiemethode van Grain Solution komen talrijke enzymen beschikbaar die moeilijk te verteren graanproducten nu makkelijk verwerken in het maag-darmsysteem. De belangrijkste hiervan zijn ß-amylase, ß-glucosidase, phosphatase(zuur), cellulase, proteïnase, peptidase en phosphorylase. Onderzoek naar de enzymatische werking ervan heeft aangetoond dat de activiteit geen schade ondervindt bij het passeren van de maag. Het totale gehalte aan voedingsvezel blijft behouden inclusief de stimulerende invloed op de darmpassage. Grain Solution is een geur- en smaakloos poeder dat u over elke maaltijd kunt strooien. U geniet nog net zoveel van uw avondeten of boterham en werkt ongemerkt tegelijkertijd aan een gezondere spijsvertering. Voor alle mensen dé oplossing van het tarwedilemma!

Is gezondheid ook jouw passie en wil je meer leren over voeding en suppletie? Bekijk dan eens onze Orthomoleculair Adviseur Basis.

Sluiten